Schilde…

Jaren aan één stuk was Schilde voor Zwarte Jef en de zijnen een vakantiebestemming in onze eigen Antwerpse provincie waar gedurende een week het normale familiegebeuren werd omgezet in een gezamelijk familiegebeuren.

De reactie, die bij het aanhalen van deze activiteit, doet bij velen, en dan spreken we over vrienden, kennissen en collega’s, meestal de wenkbrauwen fronsen. Het idee om als inwoner van de provincie Antwerpen op vakantie te gaan in de provincie Antwerpen, ook al is het dan in de buurgemeente van de parel van de voorkempen, op zich niet verder dan 15 km. van onze eigen koekestad, is inderdaad niet wat omschreven kan worden als een “Thomas Cook, de vakantie die ik zoek” bestemming. En inderdaad, als je alles tot de letter beschouwd is dit waarschijnlijk niet “De vakantie je zoekt”…maar toch.

“We gaan naar Schilde” ontwaart bij mij, en ik ben er vrijwel zeker van dat dit voor vele anderen ook zo is, een Pavloviaanse reactie waardoor de tijd even gaat stil staan en ergens in één van de donkere kamers van mijn geheugen een nostalgische film begint af te spelen waardoor een glimlach zich meester maakt van mijn aangezicht. Als ik U zeg dat de dag dat Elvis stierf, ook al is hij volgens velen nog in leven, een dag is die ik mij nog kan herinneren alsof het gisteren was, dan kan U zich enigszins inbeelden hoe ver dit geheugen teruggaat. In mijn jeugdige onwetendheid bezondigde ik mij toen aan de woorden, “dat is toch maar stomme muziek”…een berisping van meerdere volwassenen en iets meer dan een kwart eeuw later, besef ik dat bepaalde zaken beter voor jezelf worden gehouden, zeker op die leeftijd…

Maar toen al had Schilde, onbewust en onwetend, een invloed op mijn leven. Het was voor mij, en voor velen die het met mij hebben meegemaakt en ook voor velen die er na ons zullen komen, een avontuur om er te vertoeven, een ontdekkingstocht, een thuishaven van rust, een plaats waar dingen voor de “eerste” keer gebeurden.

Den bunker, den afgezette pastoor, de kludde met zen bellen, de zwarte madam, het woestijntje, sigaretten rollen voor Arlette, de loopgraven met het hoge gras, de paarden, het bos van Zwarte Jef, Schildestrand, leren fietsen…voor sommigen die dit nu lezen zal diezelfde Pavlov nu voor éénzelfde reactie zorgen als bij mij, en dit zijn dan maar enkele voorbeelden van de avonturen waar ik deel van uitmaakte. Zou je aan mensen die in het bos van Schilde zijn verbleven een kleine opsomming vragen van wat zij daar hebben meegemaakt, je zou decennia bezig zijn. Om maar te zeggen dat dit kleine bos in Schilde, echt niet ver van de bewoonde wereld, op amper 400 m. van de Turnhoutsebaan met zijn Bus 40 van Antwerpen naar Malle en verder, een octopus van avonturen is die zijn tentakels tot ver buiten dit bos uitspreidt.

Maar we mogen natuurlijk niet uitglijden naar het “vroeger was alles beter” gevoel want worden we dan niet “oud”, ach nee, we houden het bij nostalgisch en vroeger was niet beter, ook nu is vertoeven in Schilde nog altijd een avontuur.

Stiekem hoop je dat je eigen kinderen, die ook deel hebben uitgemaakt van deze avonturen, zelf de traditie voorzetten om een week de GSM, facebook, twitter en ander gezeik opzij te zetten en te genieten van een iets te vochtig donsdeken ’s nachts, soms te koude – soms te warme douche, “shit het regent weer” weer maar ook de frisse ochtendgeur opsnuiven met een een ongewassen hoofd, zingen & lachen tijdens de afwas, kampen bouwen in het bos en ga zo maar door. Je wil zelf als grootouder op bezoek kunnen gaan, een pintje ( teveel ) pakken, een snoepje meenemen voor de kleinkinderen en terug dromen van een leven zonder zorgen met de “kludde met zen bellen”…

Maar een kleine stem in mij zegt : Ik was een kind en wist niet beter, dan dat ’t nooit voorbij zou gaan…


Het weekend

De ontstaansreden van Zwarte Jef is ongetwijfeld “het weekend”. Wat nu bijna 20 jaar geleden gestart is als een weekendje uit met enkele vrienden ( omdat we op dat moment onder moeders paraplu uit mochten komen of we zelf een auto, mogelijk onze eerste, hadden en onze rijkunsten in d’ Ardennen wilden tentoonstellen of welke reden dan ook ) is na 20 jaar uiteindelijk niet veel veranderd.

Het “eerste” weekend

We zijn ouder geworden, ongeveer 20 jaar, dus eigenlijk bijna het dubbele van wat we waren toen we ermee begonnen…als ik het zo opschrijf besef ik dat, mocht ik nu opnieuw hetzelfde doen als die eerste keer 20 jaar geleden, en ik zou dus het dubbele eindigen waar ik nu begin, deze brief, blog of samenraapsel van gedachten wereldkundig zou gemaakt worden in maart 2058 alwaar ik de gezegende leeftijd van 90 jaar zou hebben bereikt…hopelijk besef ik dan nog wie Zwarte Jef is, of was, en wat we allemaal beleefd hebben…

Waarom we er echt mee gestart zijn kan ik mij helaas niet meer herinneren, wat ik wel weet is dat onze jonge leeftijd ons ertoe aanzette heroïsche tochten te maken in soms helse omstandigheden, nadien gezelschapspelen te spelen tot een gat in de nacht, vooral dan Risk, vergezeld met de nodige liters bier om uiteindelijk afgepeigerd en doodmoe op zondag je de vraag te stellen: “Was dit ontspanning?”. Aangezien we nu 20 jaar verder zijn en nog steeds jaarlijks op weekend gaan kan ik alleen maar besluiten dat het wel degelijk “ontspanning” was en is, anders zouden we het toch al lang hebben opgegeven, me dunkt…

Het heroïsche karakter van de eerste weekends is na verloop van jaren teruggevallen naar simpelweg karakter…het heroïsche laten we tegenwoordig iets meer achterwege…op onze leeftijd heeft heroïsch ( wat volgens “Encyclo” zoveel betekend als 1) Dapper 2) Heldhaftig 3) Kloek 4) Moedig 5) Onverschrokken 6) Stout 7) Stoutmoedig ) een andere betekenis dan wanneer je net twintig bent en met “de borst” (en voor de vrouwen “met de borsten” ) vooruit de wereld, zijn volk en zijn inzichten wil veranderen zodat zij net als jezelf “de waarheid” zien en proeven…

Hoe dit veranderen, van heroïsch naar simpelweg karakter, zich vertaald in concrete daden, zijn enerzijds de zaterdagnamiddagtochten…

In de beginjaren was niets ons te moeilijk – geen weer, geen wind, geen modder, geen slijk, geen boom, geen greppel, geen rivier, geen café – niets hield ons tegen om daar te komen waar we vooraf van wisten, of niet wisten, waar we naartoe gingen. Het gegeven, de kortste afstand tussen twee punten is een rechte lijn,

De kortste afstand tussen twee punten is een rechte lijn

namen we, vaker dan voor ons goed was, zeer letterlijk, met alle gevolgen van dien…en hoewel deze tochten niet altijd onvoorbereid waren, toch bleek meermaals dat, de voor ons voorhanden, stafkaarten, wegenkaarten, of simpelweg velletjes papier, niet altijd de gewenste route naar het gewenste eindpunt brachten… niet alle wegen leiden naar Rome, dat weten we nu ook…en de gevleugelde uitspraak “De weg is lang de gids ervaren” staat bij Zwarte Jef beter bekend als “De weg is lang en de gids is weg” of hoe meerdere mannen zich, louter terend op een Chiro en/of Scouts verleden, het noorden, en gelijk welke windrichting dan ook, voor even kwijt waren. En al zijn deze zaterdagmiddagtochten de laatste jaren iets beter voorbereid en iets korter ( we passeren al wel eens één café zonder te stoppen maar toch zeker geen twéé ), toch proberen we het avontuurlijke niet te schuwen…niet uit de weg te gaan…maar louter op “karakter” en “levenswijsheid” ( we passeren al wel eens één café zonder te stoppen maar toch zeker geen twéé ) ons pad te vinden waarheen het ons ook mag leiden…

We passeren al wel eens één café zonder te stoppen maar toch zeker geen twéé

Anderzijds zijn er de “gezelschapspelletjes” op vrijdag- en zaterdagavond.

Hoewel gezelschapspelletjes een meervoudsvorm is en dus “meer dan één” impliceert, is Risk by far het enige spel waar we in die dagen onnoemelijk veel uren aan spendeerden. Het heroïsche van onze tochten vloeide naadloos voort in de “tot de heroïek verheven” klassieker aller strategiespellen, U welbekend, Risk. Overtuigt van onze strategische inzichten, met als enig doel “de wereld veroveren” of “alle rode legers vernietigen”, gevoed met de nodige liters bier of andere sterke dranken en met sterke uitspraken zoals “fuck and die”, hebben we menige oorlogen gevoerd op zoek naar eeuwige roem en glorie à la “Gladiator”.

Vernietig alle rode legers…

Voor zover ik mij kan herinneren heb ik Risk hoop en al één keer kunnen winnen – en hoewel ik mij nu misschien mag wijsmaken dat dat te danken was aan mijn strategisch vernuft en inzicht, denk ik eerder dat het late uur en de vermoeidheid bij anderen of mijn uithouding in het verzetten van alcohol, aan de basis hebben gelegen van deze overwinning. Ik maak me echter sterk dat “geen geluk in ’t spel, geluk in de liefde” is en dat een wulpse deerne bij mijn thuiskomst in de bedstee de zilte smaak van de nederlaag deed vervagen om zo plaats te maken voor zweterige, zoete druppels van hete…sorry was even aan het wegglijden…Maar dus ook Risk heeft de jongste jaren plaats moeten maken voor andere mooie groepsmomenten…

andere mooie groepsmomenten

andere mooie groepsmomenten

Wat het ook moge zijn, onze jaarlijkse weekends zijn al jaren een bron van vertier, plezier, even een stap uit het dagdagelijks bestaan waar een mens van tijd tot tijd wil ontsnappen…waar vroeger nogal eens meer een programma werd gevolgd willen we nu meer à la minute werken zonder echt te weten wat nu, waar naartoe…en dat is maar goed ook…op onze leeftijd moet er niets en mag alles…ook vettige praat gebruiken omdat de kinderen er niet bij zijn…yeah right…


’t Is niefjoar !!!

Nu het jaar langzaam maar zeker zichzelf ziet eindigen en een nieuw jaar poëtisch aan de deur staat te wachten, overvalt mij altijd een gevoel van nostalgie…Weet je nog die Nieuwjaar dat we daar waren, die Nieuwjaar dat die nog bij de die was,…

Aangezien ik toch al een respectabele leeftijd bereikt heb kan ik mij toch al tot een soort ervaringskundige rekenen op het gebied van Nieuwjaar en het daarbijhorende feestvieren. De eerste 6 zijn misschien niet diegene die ik zwaar in detail kan beschrijven en ik moet toegeven dat er tussen de volgende 38 misschien ook enkele zijn waar ik me niet veel meer van herinner maar er zijn er toch enkele bij die mij altijd zullen bijblijven.

Eén van die Nieuwjaren speelde zich af in de bossen van Schilde, een pleisterplaats voor Zwarte Jeff. Ik zou nu zeer nostalgisch kunnen zijn en zeggen dat het in een periode was waar Kyoto nog niet gekend was, waar milieuproblematiek nog gewoon een woord was dat moeilijk te spellen viel maar eerlijk is eerlijk het was toen steenkoud. Het verwarmen van die stee in Schilde geschiedde nog met, net iets te, vochtig hout ( gelukkig dat er onder ons enkelen bijzijn die de kunst van het “vureke stoken” verheven hebben tot een edele kunst ), het opzetten van een “moreke” ( want dat gaf toch ook iets extra ) en het blij zijn dat ge een “heet” lief had die de vochtige slaapzak omtoverde tot een “Wellness Sauna” avant la lettre…’t Is niefjoar”… Nieuwjaar werd toen ook gevierd gespreid over enkele dagen, liefst een dag of twee vooraf want op nieuwjaarsdag zelf kwam bij velen het verplichte familiebezoek op een prominentere plaats dan vrienden…dus die twee dagen vooraf waren nodig…om ons voor te bereiden op het eigenlijke feest van oud op nieuw.

Dus ook dat ene jaar waren we twee dagen op voorhand in Schilde, met de voorbereidingen op het grote feest…en wat doet een mens dan zoal, buiten zijn lief lastig te vallen…’t Is niefjoar…wel dan speel je een spelletje, Risk was toen één van de favorieten, dan lul je een beetje over van alles en nog wat, je eet wat, je drinkt wat…achteraf bekeken niet echt wereldschokkende zaken. Nu, op die leeftijd is vrij zijn, je eigen ding kunnen doen, zonder lastig gevallen te worden door “volwassenen”, een recht dat nog niet al te lang verworven is en waar je dus zonder al te veel vragen gewoon van wil genieten. En dan…plots…uit het niets, zonder enige voorafgaande reden, werden we de Familie Vandesande. Diegenen die erbij waren beginnen nu spontaan in hun hoofd herinneringen op te halen over wat er toen allemaal heeft plaatsgevonden…en zullen mij misschien achteraf de opmerking maken dat ik veel dingen vergeten ben of dat Vandesande in drie woorden werd geschreven…maar dat is allemaal niet belangrijk…het belangrijkste is de familie Vandesande. En nu wordt het pas echt moeilijk…want wie was wie…?

Als lezer moet je weten dat de familie Vandesande, ( en je moet het met een stevige “antwaarpse” tongval uitspreken, dus met de lelijke “a” en sande iets langer dan dat het geschreven staat )…in mijn geheugen…als familie dicht bij de familie Backeljau aanleunt. Enig opzoekwerk bevestigt dat de familie Backeljau ontsproten is in 1994, dus helaas kunnen we niet met terugwerkende kracht royalty’s opeisen bij Luk Wyns voor het plagiëren van onze familie. In ieder geval zouden de stambomen van de Vandesandes en de Backeljauws ergens wel een gezamenlijke wortel, dan wel tak, hebben maar dat zou ons te ver afleiden van wat dient gezegd te worden…’t Is niefjoar…De vader, vraag me geen namen maar laten we hem Tony noemen, was tewerkgesteld bij den “Opel” en werkte in shiften en was dus niet altijd thuis voor de opvoeding van de kinderen…wat zich ook liet gevoelen…den Tony werd ook betaald in “’t polleke”, handje contantje zoals ze zeggen, en vierde dit gebeuren – “’t is pree vandaag” – ook steeds in zijn stamcafé. Als ik mij goed herinner woonden de Vandesandes in “Maereksem” dus Café Tivoli op de Bredabaan zou “het” stamcafé van den Tony kunnen geweest zijn, iedereen kende hem daar ook…maar dus als den Tony zijn pree had gehad was hij niet op een “normaal” uur thuis en zat ons Chantal, ook hier overvalt mij enige twijfel over de correctheid van de naam “but who cares”, die avonden alleen thuis te wachten tot den Tony, in welke toestand dan ook, zou thuiskomen. Ons Chantal was een lerares of werkloos, ik ben niet echt zeker maar veel verschil maakt dit niet, was in haar jonge jaren de “Farrah Fawcett” van Merksem…t’ Is niefjoar…en had den Tony leren kennen in Café Tivoli. Aangezien beiden niet onknap waren, iets of wat vrijgevochten en zo geil als boter, zijn ze op jonge leeftijd in het huwelijksbootje gestapt…het was van moeten. Niet dat de liefde na al die jaren weg is maar drie kinderen en enkele prees later is tussen beiden de hartstocht toch enigszins verdwenen. Zoals je reeds hebt opgemerkt zijn er ook drie kinderen…één meisje en twee jongens…Linda was de oudste van de drie en nog maar net afgestudeerd aan de kapstersschool. Linda woonde ook niet meer thuis maar op de “Belgelei in ’t Stad” op een appartementje. Net als haar moeder was Linda niet onknap te noemen en wist ze bij menig mannelijk lid van de gemeenschap de juiste toetsen te raken…om een lang verhaal kort te maken…ze had een affaire met één of andere bankdirecteur, André of zoiets, en die had haar een appartementje kado gedaan zodat hij op tijd en stond zijn ding met haar kon doen…thuis kwam hij duidelijk tekort…’t Is niefjoar…En dan zijn er de twee zonen, de Filip en de Wim of beter bekend als de “Rosse” en de “Jakke”, ( maar ook hier kan mijn geheugen zeer ver van de realiteit staan ), 2 jongens die mettertijd wel tot de jaren van verstand zijn gekomen maar waarvan het enige belangrijkste het volgende was : de maandelijkse missie naar één of ander gazettewinkeltje in één van de naburige gemeenten ( waar ze minder gekend waren ) om op het bovenste schab de voorpagina van één of ander seksboekje te aanschouwen en zo de fysieke kant van het vrouwelijk schoon in al zijn pracht te kunnen aanschouwen…’t Is niefjoar…kwestie van de theorie van de lessen biologie te toetsen aan de realiteit.

Wat er precies allemaal heeft plaatsgevonden die bewuste nieuwjaar in Schilde…’t Is niefjoar”…is eigenlijk niet belangrijk…wat telt is dat de Vandesandes een deel zijn van de familie die we al jaren niet meer gezien of gehoord hebben, nu ik eraan denk, ze zitten misschien op Facebook, maar waar we altijd met veel plezier aan terugdenken…

’t Is nieeeeeeefjoaaaaaaaaaaaaaaaaaar…

"Het Stamcafé"

Het Stamcafé – Den Tivoli

Een niet al te scherpe foto van Filip & Wim

Een niet al te scherpe foto van Filip “De Rosse” & Wim “De Jakke”

Het favoriete kapsel van Linda

Het favoriete kapsel & hemdje van Linda

Tony & Chantal bij hun eerste Opel

Tony & Chantal fier bij hun eerste Opel Manta


Pamela Anderson

Net zoals “Vrienden en vijanden van Studio Brussel” een niet alledaagse openingsgroet is, zo ook getuigt het papier waarop Zwarte Jef zijn profetische woorden aan de vrienden en vijanden van Studio Brussel schenkt, van een niet alledaags karakter.

Een blad papier is maar een blad papier is een stelling die volgens Zwarte Jef niet opgaat. Een schrijven, een brief, een gedicht begint meestal omdat er een verlangen,… een noodzaak toe is. Van zodra deze in het hoofd van de schrijver begint te borrelen zijn de invloeden van buitenaf die zullen bijdragen aan dit schrijven legio; de kennissenkring, de weersomstandigheden, de gezondheidstoestand van de schrijver, het politieke klimaat, de werkomstandigheden…om maar enkele te noemen. Deze invloeden van buitenaf verschillen ook enorm van schrijver tot schrijver. Herman Melville, bij het schrijven van Moby Dick, bijvoorbeeld was enorm geïnspireerd door Nathaniel Hawthorne, die op zijn beurt door ontmoetingen met Abraham Lincoln, “Chiefly About War Matters” schreef, een ironische zwarte komedie. Of Herman Brusselmans die zijn inspiratie onder andere haalt uit banale mensen in banale omstandigheden ( “Vroeger dacht ik dat 90% van de mensen te stom was om te helpen donderen, nu zit ik al aan 98 á 99%”), of door vrouwen die hij aanbidt ( “Ik zou graag eens hebben dat ik met Goedele Liekens in een restaurant zat en dat zij onder de tafel kroop en dat zij met mijn pietje begon te spelen”). Voor iedere schrijver / schrijfster zijn deze invloeden van buitenaf verschillend maar noodzakelijk om te voldoen aan het verlangen om iets op papier te zetten en dit te delen met … diegene die er interesse voor heeft.

Bij Zwarte Jef is dit niet anders, ook hij wordt beïnvloed door impulsen van buitenaf. Er dient echter gesteld dat Zwarte Jef als “niet beroepsmatig schrijver” slechts enkele keren per jaar de noodzaak ziet iets op papier te zetten en dit dan louter en alleen vanuit een organisatorisch oogpunt en niet om een onuitgesproken droom in vervulling te laten gaan…doch op die specifieke momenten dient ook hij geïnspireerd te worden om niet aan zijn taak te verzaken, namelijk het overbrengen van een bepaalde boodschap. Zonder dit alles te minimaliseren, het is en blijft een boodschap vanuit een organisatorisch standpunt, tracht Zwarte Jef in zijn schrijven, zijn boodschap aan de mensheid, net iets meer te brengen dan enkel en alleen een opsomming van plaatsen, tijden, benodigdheden en trivia daaromtrent. Het openingsdeel van de brief verwijst meestal naar een inspiratiebron die net op dat moment, die ene seconde, minuut of uur, door het hoofd heen en weer geslingerd wordt, wat dat dan ook moge weze…

Echter alles start met het blad papier, een blad papier met als kop of voet Pamela…Pamela Anderson…zij is diegene die alles doet starten, die alles doet borrelen, waar alles begint en waar alles eindigt, de ying & yang, de omega & pharma…Het mag zomer, winter, herfst of lente zijn, hij mag ziek, miserabel of gezond zijn, veel of weinig vrienden hebben op Facebook, alvorens één van bovenstaande mogelijke bronnen van inspiratie Zwarte Jef op pad zal zetten om letters, woorden en zinnen op een blad te zetten is er Pamela…en nee dit is geen verregaande, ziekelijke verafgoding van Pamela ( we are on a first name basis )… Zwarte Jef heeft thuis geen kamer gevuld met posters, tinnen beeldjes en opblaas Pamela’s waar hij zijn dode uren doorbrengt op zoek naar soelaas voor een freudiaans psychoanalytisch verleden dat weegt op zijn schouders en de wereld van zijn naaste geliefden verstoort…nee, vrienden en vijanden van Studio Brussel, dat is het niet. Laat dit voor jullie een geruststelling zijn. Maar het start met Pamela, dat is zeker…waarom dan?…Omdat een blad papier, zijnde maagdelijk wit of zijnde lichtjes ecru, voor de waaghalzen onder ons misschien wel lichtpaars met een gewicht van 80 gram of zelfs 120 gram, nagelnieuw of reeds enkele keren verstropt geraakt in een printer, altijd mooier is met Pamela dan zonder…laat dat duidelijk zijn.

En met dit in het achterhoofd begint de zoektocht naar Pamela. En ja…ik hoor het U al zeggen : “Een zieke geest, een ziekelijke manier om perverse verlangens te bevredigen, rijp voor verdere analyse…” en ga zo maar door…maar nogmaals nee, vrienden & vijanden van Studio Brussel, dat is het niet…Ik ga namelijk op zoek naar een specifieke Pamela…Zij moet namelijk aan bepaalde voorwaarden voldoen om in alle pracht en praal te mogen prijken op mijn blad papier. Gewoon op zoek gaan naar Pamela Anderson, dit zou inderdaad door menigeen aanzien worden als het werk van een zieke geest, dat geef ik toe…Maar dus driewerf nee, mijn Pamela moet de bovenzijde, zeg maar de “kop”, of de onderzijde, zeg maar de “voet” van mijn blad in die mate verfraaien dat de lezer, alleen al door zien van deze “kop” of “voet”, de boodschap niet achteloos naast zich neerlegt maar wederom de tijd neemt om even te zitten en aandachtig te zijn, wat uiteindelijk het doel is van Zwarte Jef…mensen “hopelijk” de tijd geven om even te gaan zitten en met aandacht zijn boodschap te lezen…

En als daarna op Google “Pamela Anderson” enkele keer meer wordt opgezocht dan anders, het weze zo…

Een actieve boodschap

Een actieve boodschap

Een artistieke boodschap

Een artistieke boodschap

Een culinaire boodschap

Een culinaire boodschap

Een ecologische boodschap

Een ecologische boodschap

Een wijze boodschap

Een wijze boodschap


Vrienden & vijanden van Studio Brussel

Vrienden & vijanden van Studio Brussel…

Met deze gevleugelde woorden start elke communicatie van Zwarte Jef. Een mens vraagt zich af waarom? Als je een brief schrijft naar iemand, weze het een persoon, een groep of een organisatie, dan begint deze meestal met geachte, beste, in sommige gevallen, liefste of zelfs ook hooggeachte… in ieder geval beleefde en/of formele verwoordingen om de lezer in spé op een zo neutraal mogelijke manier te woord te staan.

Al jaren schrijft Zwarte Jef brieven naar zijn leden…uitnodigingen voor weekends, nieuwjaarsfeesten, afrekening,… en nog nooit is het bij Zwarte Jef opgekomen om dit op een formele manier te willen doen. Hetgeen gezegd moet worden zal ook wel gezegd en/of geschreven worden maar nooit formeel…of in ieder geval dat is steeds de bedoeling van Zwarte Jef. Soms is het grappig, of toch een poging tot, soms met een onderliggende gedachte, die de lezer dan ook hopelijk ontwaard, of soms ook een beetje kritisch, al is dit te vermijden in een al zo kritische wereld.

Vrienden en vijanden van Studio Brussel…met deze woorden creëer je onbewust een sfeer die aanzet tot mijmeren, graven in je eigen geheugen of een soort van collectief geheugen naar momenten, gebeurtenissen die onder de noemer van Zwarte Jef vallen, je hoopt ook dat de lezer bij het lezen van deze woorden even gaat zitten en de boodschap, die de ene keer wat langer, de ander keer wat korter is, met de nodige aandacht tot zich neemt…Want aandacht is noodzakelijk bij het lezen van boodschappen van Zwarte Jef. Zwarte Jef is namelijk niet van thuis uit een geboren schrijver die de regels van de bellettrie of de Schone letteren, en ja dit is een nieuw woord dat we zelf hebben moeten opzoeken, tot in de puntjes kent en herkend en zo een groep van woorden kan omvormen tot een samenhangende tekst waarvan de lezer achteraf een “wow” gevoel aan overhoudt…nee dat is hij dus niet, die geschoolde bellettrist, maar hij tracht met de beperkte kennis en vaardigheden die hem eigen zijn, zijn boodschap over te maken met als enig doel de lezer te verplichten even te zitten en aandachtig te zijn. De vraag die dan steeds in het hoofd van Zwarte Jef ontspruit is…worden mijn boodschappen gelezen of wordt dat eerste deel van de brief vakkundig overgeslagen en prompt vooruitgegaan naar de volgende alinea waar zich de noodzakelijke informatie bevindt…………………………………pijnlijk mocht dit het geval zijn. Maar dit geheel ter zijde.

Zij die “Vrienden en vijanden van Studio Brussel” als aanspreektitel bovenaan een brief / e-mail zien staan weten waar ze zich aan mogen verwachten. Na jaren staan deze 6 woorden als symbool voor iets, iemand, allemaal…was dit ooit de bedoeling, nee, het was alleen grappiger dan geachte, beste, in sommige gevallen, liefste of zelfs ook hooggeachte…

De uitvinders van de gevleugelde woorden “Vrienden & vijanden van Studio Brussel.


Wie is Zwarte Jef… dat …

Wie is Zwarte Jef… dat weet eigenlijk niemand.
Is het een persoon of gewoon iets dat in deze wereld rondhangt…
Misschien een kans om…
Of een mogelijkheid tot…


%d bloggers liken dit: